Gedeeld werkgeverschap om tekort aan verpleegkundigen op te vangen

Het is juni 2026 en we bevinden ons in De Kluizerij voor de tweede editie van de  WhoCares? Summer Academy. Vanuit onze overtuiging dat we grote uitdagingen in de zorg samen aan te pakken hebben, brachten we een kleine groep veranderaars samen, vanuit praktijk, beleid en onderzoek. Twee dagen lang bogen we ons over de vraag: “Hoe bouw je van onderuit aan silo-doorbrekende veranderingen wanneer regelgeving, financiering en organisatielogica (nog) niet meebewegen?”  

 

Elke deelnemer bracht een voorbeeld uit de eigen realiteit mee. In deze reeks lichten we er enkele cases uit, om ook jou te tonen hoe het samen werken aan transities er kan uitzien in de praktijk. Nieuwsgierig? Lees ook de andere artikels in deze reeks. 

23 september 2026

Dit is een groepsfoto van iedereen die aanwezig was op de Summer Academy van WhoCares?. Onder de pijl zie je Waut Nickmans, van Stijn vzw. Het artikel dat bij de foto hoort gaat over een project om het tekort aan nachtverpleegkundigen tegen te gaan.
Dit is een groepsfoto van iedereen die aanwezig was op de Summer Academy van WhoCares?. Onder de pijl zie je Waut Nickmans, van Stijn vzw. Het artikel dat bij de foto hoort gaat over een project om het tekort aan nachtverpleegkundigen tegen te gaan.

Het is juni 2026 en we bevinden ons in De Kluizerij voor de tweede editie van de  WhoCares? Summer Academy. Vanuit onze overtuiging dat we grote uitdagingen in de zorg samen aan te pakken hebben, brachten we een kleine groep veranderaars samen, vanuit praktijk, beleid en onderzoek. Twee dagen lang bogen we ons over de vraag: “Hoe bouw je van onderuit aan silo-doorbrekende veranderingen wanneer regelgeving, financiering en organisatielogica (nog) niet meebewegen?”  

 

Elke deelnemer bracht een voorbeeld uit de eigen realiteit mee. In deze reeks lichten we er enkele cases uit, om ook jou te tonen hoe het samen werken aan transities er kan uitzien in de praktijk. Nieuwsgierig? Lees ook de andere artikels in deze reeks. 

23 september 2026

Hoe mobiliseer je mensen richting een gewenst toekomstbeeld, als de noodzaak vandaag nog niet genoeg voelbaar is?

In de nasleep van de tweedaagse Summer Academy spreken we met Leen Hulshagen en Waut Nickmans van Stijn vzw. We hebben het over hoe zij met meerdere werkgevers een nachtverpleegkundige te delen. Hun verhaal gaat over technologie, organisatie en (vooral) over de vraag hoe je mensen mobiliseert rond een wenselijk toekomstbeeld, waarvan de noodzaak vandaag nog niet voelbaar is.

 

Het project in een notendop:

 

Vandaag organiseert zowat elke zorgvoorziening haar nachtzorg binnen de eigen muren. D.w.z. eigen nachtbegeleiders en nachtverpleegkundige(n) zoeken en zorgen voor een eigen alarmcentrale die oproepen ontvangt en zorgverleners aanstuurt. Met een dreigend tekort aan werkkrachten als drijfveer, staken vier kernpartners de koppen én middelen samen om een zorgcirkel op te richten. In die cirkel delen ze het werkgeverschap over een nachtverpleegkundige. De zorgcentrale van het Wit-Gele Kruis Limburg staat in voor de aansturing naar de verschillende leden van de zorgcirkel, naargelang waar er ‘s nachts verpleegkundige handelingen nodig zijn. In de kern van de zorgcirkel zitten organisaties voor mensen met een beperking, een woonzorgcentrum, een opvangcentrum van het Rode Kruis en een aantal particuliere gezinnen met een kind met grote zorgnoden. Rond die kern zitten de eerstelijnszone, het ziekenhuis en de gemeente mee aan tafel.

 

Zij dragen bij waar en wanneer dat nodig is. Wanneer de verpleegkundige ter plaatse een arts nodig heeft, komt de huisarts van wacht mee ondersteunen. Is er meer expertise nodig, dan kan er teruggevallen worden op de spoeddienst van het ziekenhuis. Ook de nachtbewaker van het opvangcentrum kan makkelijk zorgprofessionals bereiken i.g.v. bijvoorbeeld een hulpvraag van een zwangere vrouw.

 

Een probleem dat zich vandaag nog niet stelt

De aanleiding voor dit project was simpel en duidelijk: er dreigt een personeelstekort, dat willen ze voor zijn. En exact daar knelde ook het schoentje. Het water stond nog niemand aan de lippen. “We zijn heel erg bezig met een probleem op te lossen dat zich op dit moment nog niet stelt”, zegt Waut. “De overtuiging dat het zich over vijf of tien jaar wél zal stellen, is er volledig. De cijfers laten weinig ruimte voor twijfel. Maar voor collega’s die vandaag hun planning rond krijgen, is dat niet de meest urgente zorg. En dat is gewoon zo”.

 

“Mensen veranderen alleen als het kot achter hen in brand staat, of als de wei waar ze naartoe gaan veel groener is dan de wei waar ze in staan. Wij kunnen op dit moment enkel die wei groener voorstellen. Het kot staat nog niet in brand.” 

Eerst een jaar lang bestudeerd, bevraagd en geanalyseerd

Het idee van preventieve actie bestond al een tweetal jaar. “De eerste reflex was om meteen naar een oplossing te duiken”, bekennen Waut en Leen. Dat is gelukkig niet gebeurd. Met ondersteuning van de UHasselt en middelen van POM Limburg werd eerst een uitgebreide probleemanalyse opgezet, d.w.z. een literatuurstudie, co-creatiesessies en workshops met medewerkers van de verschillende organisaties. Een jaar lang hebben Waut, Leen en hun mede-veranderaars geobserveerd, bevraagd en geanalyseerd.

 

 “Bij verandering is het soms moeilijk uit te leggen dat zoiets een jaar duurt“, zegt Leen. “Maar om een probleem écht scherp te krijgen, is dat jaar wel nodig.” Een ander voordeel van de lange voorbereiding is een groot draagvlak. Wanneer je zo veel mensen bevraagt, maak je hen ook betrokken bij de noodzaak om te veranderen. Dit schept een totaal andere context dan wanneer je hen pas op het moment van implementatie voor een voldongen feit stelt. Nachtzorg werd een thema waarover men in de organisaties begon te praten.

 

Uit de lange voorbereiding volgden uiteindelijk drie verbetertrajecten. De zorgcirkel is er één van. Ook het tweede traject, dat focust op het verbeteren van domotica (o.a. in de ouderenzorg), is sterke verweven met de zorgcirkel. Het derde traject draait om de erkenning van nachtzorg en nachtbegeleiders. Ze werken en leven letterlijk tijdens de nacht, waardoor ze soms ‘vergeten’ worden, terwijl ze net heel belangrijke schakels zijn in de zorg.

 

Op de afbeelding staat het model van de zorgcirkel schematisch uitgetekend. Je ziet de volledige flow van de nachtzorg: waar de oproep binnenkomt, wie de gedeelde nachtverpleegkundige aanstuurt en naar waar die gaat.
Op de afbeelding zie je alle partners die meewerken aan project Nachtzorg: o.a. Wit-Gele Kruis, Integro,

Domotica als pijnpunt

Integro en het asielcentrum hebben nog geen domotica die hen het werk makkelijker kan maken. Bij Stijn vzw zijn de huidige systemen om ‘s nachts alarm te slaan verouderd en geven ze veel foutmeldingen. Een van hun voorzieningen ligt bijvoorbeeld vlakbij een militaire luchtmachtbasis. Als er ‘s nachts een F-16 overvliegt, dan gaan er in één klap 250 alarmen af, omdat de geluidsdrempel in alle kamers overschreden wordt. Toch zou dan elk van die meldingen gecheckt moeten worden, want er moest tussen al het lawaai maar eens een echt alarm zitten. Je begrijpt dat de Stijn vzw en haar partners nu kijken naar nieuwe domotica met AI-integratie die specifieke geluiden – zoals F-16’s – beter herkent en enkel de hulpkreet doorlaat.

 

Een test met een nieuwe technologie, anderhalf jaar geleden, viel jammer genoeg tegen. De firma presenteerde iets veelbelovends, maar bij ingebruikname bleek er geen dashboard te zijn en was er veel afstemming met IT-diensten nodig. Bovendien vraagt zo’n test veel van de nachtbegeleiders zelf. “Typisch aan een pilootproject”, zegt Leen. “Je start met veel euforie, en dan denk je: ja, hier zit toch nog wat werk.” Wat toen wel goed was, gaat mee naar de volgende fase.

 

Ook andere IT-gerelateerde dingen en het financiële luik blijven hobbels op de weg. Wat op papier logisch aansluit, werkt niet zo in de hoofden van de mensen die het uiteindelijk uitvoeren. Bij technische problemen komen er mensen van cybersecurity helpen, maar die spreken een totaal andere taal dan zorgverleners, wat ook al eens voor spanningen zorgde.

De transitiecurve bracht taal, en confrontatie

Op de Summer Academy zette WhoCares? Waut aan het werk met de transitiecurve (geïnspireerd op de transitiecurve van DRIFT). Dat leverde hem een paar inzichten op voor ‘zijn case’. Ten eerste gaf het hem woorden om het verschil te vatten tussen wat ze formeel doen en wat er feitelijk gebeurt. Zo dachten ze namelijk dat ze al veel verder stonden in de transitie-ambitie, terwijl nu duidelijk werd dat ze nog maar in een eerste experimenteerfase zitten. Officieel start in september ‘26 een tweejarig pilootproject op. “Maar als ik naar de tweedaagse mag refereren, dan denk ik dat je die twee jaar kan opdelen.” Eerst een fase van klein en diepgaand experimenteren, waarin we de nieuwe praktijken samen lerend vormgeven, naast wat er al bestaat. Zo kunnen we initieel eigenlijk weinig verkeerd doen. Pas daarna start de échte piloot, waarin de nieuwe aanpak op punt wordt gezet om de huidige te vervangen en daarna ook uit te breiden.

 

Het tweede inzicht was meer confronterend. Twee jaar lang werkten ze met mensen die in het project geloofden. Enthousiaste mensen, met een overwegend positieve houding en af en toe een kritische blik. Nu het pilootproject effectief gaat opstarten, botsen ze ook op mensen die er een andere visie op na houden. “Zolang je met enthousiaste mensen praat, heb je zelf ook het gevoel dat het allemaal geweldig is. Op de tweedaagse werd me duidelijk dat we nog sterk zullen moeten investeren in het creëren van urgentie en draagvlak voor de verandering binnen de organisaties. Op de werkvloer voelt men vandaag nog geen gevolgen”. Wat Waut en Leen hierin helpt zijn ambassadeurs. Mensen op de werkvloer met natuurlijk gezag en charisma, die mee hun schouders willen zetten onder de missie. De strategie is dat die missie zich dan olievlek-gewijs verspreidt naar de rest van de organisatie. Ze zetten ook de quick wins in de spotlights om de moraal hoog te houden en voelen een grote invloed van de steun die ze krijgen vanuit het beleid.

 

Wat zo’n traject vraagt

Verder bleven er twee bedenkingen hangen. De eerste gaat over de trekkersrol. “Als je een project doet, moet je niet zelf de expert worden van alle inhoudelijke zaken”, zegt Leen. “Je moet de mensen die je nodig hebt in hun kracht zetten, en hen laten doen waar ze goed in zijn”. Ze merkt dit ook bij het zoeken naar een nieuwe projectmanager: sollicitanten benaderen de zorgcirkel vaak als een technisch, rationeel project, terwijl er vooral gaat over veranderbegeleiding.

 

Een tweede bedenking gaat over de toekomstvisie. Een zwaluw maakt de lente niet. Die logica kan je gerust doortrekken naar de zorgcirkel. Eén zorgcirkel in Vlaanderen verandert weinig. Pas bij tien, vijftien of dertig cirkels kan de zorgcentrale zich voldoende ontwikkelen om de samenwerking optimaal te laten renderen. Het doel op korte termijn is de zorgcirkel lokaal testen, om het concept daarna te laten uitbreiden naar andere gemeenten.

 

Ondanks alle hobbels overheerst er bij Waut en Leen een comfortabel gevoel. Ze geloven in het project en in hun preventieve werk. Het is niet altijd even gemakkelijk, maar “we blijven het vliegtuig bouwen terwijl we aan het vliegen zijn”.

Bouw jij mee aan een gedeeld toekomstbeeld op zorg en welzijn?

Wil je met een van onze consultants bespreken hoe WhoCares? kan ondersteunen bij jouw silo-doorbrekende veranderambitie?

Wil je op de hoogte blijven van ons werk in zorg en welzijn?

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief, en ontvang elke maand een nieuwe dosis inspiratie in je inbox!

Nog een artikel lezen?

>>

>>

Eén nachtverpleegkundige, meerdere werkgevers